Langzaam dalen we de Mekong af

Na Chiang Mai werd het tijd voor een nieuw land. We hadden een aantal mogelijkheden om naar Laos te gaan, we kozen voor nog een stop in Chiang Rai. Redelijk vroeg op en met de bus erheen. 4 uur voor eigenlijk een betrekkelijk kort stukje. Beter de luxe bus kunnen nemen. Erg rustig vergeleken bij Chiang Mai en ook niet heel veel te zien. Je schijnt er wel heel mooi trekkings te kunnen maken, maar wij wilden nu eindelijk wel naar Laos. Nog wel even het Hilltribe museum bezocht, wat boven een restaurantje met de pakkende naam Cabbages & Condoms zit, waar we wat meer over de eerder bezochte stammen te weten konden komen. Belangrijkste feit aldaar: de Padaung (de langnekken) zijn als toeristische attractie naar Thailand gehaald en er niet heen gevlucht of iets dergelijks.

Een longboatDe volgende ochtend weer vroeg op, erg vroeg zelfs. Om half 7 zouden we worden opgehaald en om 6 uur staat iemand uit te keuken met het ontbijt klaar. Da's wel weer aardig dan. Vlak na het ontbijt komt ze echter met de melding dat de auto waarmee we naar Chiang Kong zouden gaan kapot is, en dat er een nieuwe auto moet komen en die zal er rond 7 uur zijn. Als ie er is, blijkt de chauffeur wel van een stevig stukje doorrijden te houden. Pas als de weg vrij slecht wordt, mindert hij vaart. We zijn ruim op tijd blijkt echter, want de boot vertrekt uiteindelijk pas om 11:30. De longboat voor het stuk naar Pakbeng is een houten boot met houten, losstaande bankjes. Wij zijn een van de laatsten op deze boot en hebben daardoor niet heel ruime plekken. Langzaam veroveren we wat meer plek, maar het houdt niet over. De boot, die ons om 18:30 in Pakbeng brengt, slingert over de Mekong, en biedt vele mooie uitzichten en van tijd tot tijd komen we langs groepjes huizen, waar zo af en toe nog wat lokale mensen instappen. Eenmaal in Pakbeng gaan we met het eerste meisje dat ons aanspreekt over een guesthouse mee. De prijs valt mee en de kamer is prima voor een avond. Wel ontzettend koud water uit de douche. Op tijd naar bed, want stipt om 22:00 valt zoals elke avond alle stroom in het dorpje uit. Alleen de erg luxe hotels hebben 24 uur stroom.

Uitzicht vanaf de MekongGisterochtend weer vroeg er uit. 7 uur bij het ontbijt en we hebben wat broodjes, een fruitsalade en wat sticky rice als lunch meegenomen. We besluiten vroeg naar de boot te gaan en zijn dit keer een van de eersten. De boot is veel groter, de mensen van de twee boten van gisteren komen samen op een boot. Op deze boot zijn ook stoeltjes. En wie het eerst komt, die het eerst maalt. Wij hebben behoorlijk luxe houten ligstoelen. De eerste mensen die na ons op de boot komen kijken ook hun ogen uit van de luxe op deze boot. Al snel slaat het om naar een tikje jaloezie voor de mensen die wel vroeg waren. Rond 10:00 varen we weg en de tocht brengt ons weer langs meer mooie uitzichten en kleine dorpjes. Na zo'n 8 uur varen komen we in Luang Prabang aan. We lopen een tijdje rond op zoek naar een guesthouse en komen bij Wat That guesthouse uit. Na even snel opfrissen, lopen we naar een restaurant, waar duidelijk meer aandacht aan alles wordt besteed. Dit zorgt wel voor veel groepen van groepsreizen voor ouderen. Na het eten lopen we over de nachtmarkt en daar blijkt al snel dat ze hier leukere souvenirtjes hebben dan in Thailand.

Vanochtend konden we gewoon blijven liggen, maar toch al omstreeks 8:00 eruit. Na een heerlijk ontbijt in de buurt lopen we een stukje door de stad, waar we een stadswandeling uit de Lonely Planet volgen. Die begint wat teleurstellend. De markt waar we beginnen is erg rustig, zowel qua bezoekers als qua open tentjes. Daarna lopen we door en komen we toch weer een aantal tempelcomplexen tegen (de befaamde Wats), hoewel ze wel een duidelijk andere stijl hebben dan in Thailand. We lopen nog langs een tentoonstelling, en daarna klimmen we een kant van de Phou Si op, waar een voetafdruk van Boeddha te zien zou moeten zijn. Je moet er wel enige fantasie bij gebruiken, want een gemiddeld bad in een toeristenhotel is ongeveer even groot als deze voetafdruk. Het is inmiddels warm, dus we gaan wat drinken bij een leuk theehuisje en nu dus even internetten.

Vanmiddag gaan we verder met onze tocht langs nog een Wat of wat. Hopelijk valt er nog meer te genieten in deze leuke stad. Ondanks dat het percentage toeristen er hoog is, is het heerlijk rustig vergeleken bij Thailand. Er zijn ook een aantal barretjes, maar die moeten allemaal om 23:00 dicht. Het enige dat dan nog open is, is de lokale bowlingbaan! Nee, Laos bevalt ons wel.

Lao style

Kinderen in de rivierVrijdagmiddag dus verder met de wandeling. Eerst langs het Nationale museum, dat eigenlijk weinig meer is dan het voormalig paleis. In 1975 is de monarchie afgeschaft in Laos. Ook is er nog de belangrijkste Boeddha van Laos te zien: de Pra Bang, waar Louang Prabang zijn naam vandaan heeft. Na het, overigens wel mooie paleis, lopen we door over de toeristenstraat van Louang Prabang en komen nog langs wat minder belangrijke tempels. Bij een daarvan zijn wat monniken aan het drummen. Leuk om te zien. We lopen verder en op een gegeven ogenblik moeten we met de bocht mee lopen. Barry ziet echter nog een pilaar staan, ter ere van het 11 jarig jubileum van de samenwerking tussen Laos en Frankrijk in het kader van de World Heritage sites. Als we daar staan horen we wat gejoel en als we die richting op lopen zien we in een zijrivier van de Mekong jongeren (ook jonge monniken) zich vermaken in het water, onder meer door te tuben, wat we later in Vang Vieng waarschijnlijk nog wel zullen gaan doen.


Detail van Wat Xiang ThongVervolgens lopen we weer verder, we gaan langs de belangrijkste tempel van de stad, de Wat Xiang Thong. Duidelijker ouder dan de meeste andere in de stad en erg mooi. Ook de andere gebouwen op het terrein zijn de moeite waard. Vervolgens lopen we langs de Mekong en duiken op een gegeven ogenblik dieper het stadje in. We komen nog langs een aantal minder belangrijke tempels en hebben het dan wel gehad voor vandaag. We lopen nog wat door kleine straatjes richting ons guesthouse. 's Avonds eten we langs de Mekong een typisch Lao gerecht: O-laam. Het smaakt duidelijk anders dan wat we tot nu toe hebben gegeten, maar wel lekker. Lekker fris vooral. Als we vervolgens proberen te achterhalen wat het Lao is voor dat het lekker is, blijkt dat lastig. Het is iets als Ah-hahn nie se-ep. Uiteindelijk hebben ze door wat we bedoelen en lopen ze met een lach op het gezicht weg. Ondanks het begin (water en stroom vielen uit), vrijdag de 13e toch makkelijk overleefd.

Zaterdagochtend, valentijnsdag. Niet heel veel op de planning, dus we blijven wat langer liggen. En da's geen slecht plan, want het is best fris deze ochtend. Na het ontbijt, als het al wel weer lekker is, lopen we naar de Wat Mai. Vrijdagochtend waren we er al achtergekomen dat we die de avond ervoor hadden gemist. Die nachtmarkt is ook zo groot. Vervolgens via nog een andere tempel op naar de top van de Phou Si, een heuvel midden in de stad met daarop de That Chomsi. Die kun je van grote afstand zien en vooral 's avonds een mooi gezicht. Onderweg nog een tempel met mooie muurschilderingen en dan de ruim 300 treden omhoog bij 35 graden of zo. Eenmaal boven een prachtig uitzicht over Louang Prabang. We lopen via de andere kant naar beneden en drinken weer wat shakes bij L'etranger. Daarna weer op naar de Mekong om daar te eten. Machtig uitzicht over de rivier ook weer. 's Middags doen we niet zo heel veel. Ansichtkaartjes kopen, internetten, vervoer voor maandag naar Phonsavan geregeld. 's Avonds lopen we eerst over de nachtmarkt, waar Marianne leuke sloffen koopt, voor we wat gaan eten. We zijn al redelijk vroeg terug bij het guesthouse.

Vandaag ook niet zoveel op de planning staan, af en toe moet er ook rustig aan gedaan worden en na Ko Pha Ngan hebben we niet echt meer een echt rustige dag gehad. Laos leek ons wel een geschikt land daarvoor, lekker Lao style rustig aan doen. Het opvallendste hier. Er zijn nog niet heel veel westerse invloeden hier. Nog geen Mac gezien, geen Starbucks en geen 7-11. Ook maar weinig pinautomaten hier. Daarbij optellend dat je maximaal 700.000 kip mag pinnen (nog geen 65 euro) is aan geld komen hier nog niet zo makkelijk. Er is geen muntgeld, alleen briefjes van 500 kip (4,5 cent) tot 50.000 kip (4,5 euro).

Vanmiddag allicht nog langs een klein dorpje aan de overkant van de Mekong en dan morgenvroeg naar Phonsavan, waar we de Plain of Jars gaan bekijken. Of daar internet en pinautomaten zijn merken jullie de volgende keer weer, dan hopen we ook weer wat foto's te plaatsen.

Pukkels in het landschap

De woonkamer in de Auberge's Middags dus niet meer naar dat dorpje geweest, maar lekker gerelaxed. De volgende dag (maandag) stond er namelijk weer een vroege wekker in verband met de reis naar Phonsavan. Na een lange reis, al slingerend door de bergen met mooie uitzichten en diepe valleien, komen we rond 16:15 aan in Phonsavan, een vreselijke kleine stad in het noorden van Laos. Maar we zijn hier dan ook met een reden. Eerst maar eens een onderkomen uitzoeken. Ons oog is in de reisgids stiekem al gevallen op Auberge de Plaine des Jarres, een wat luxer onderkomen met bungalows met een open haard ('s nachts is het hier slechts een graad of 10. Niet dat dat veel uitmaakt, vanwege de ligging van het hotel ben je ongeveer wel verplicht daar te eten, wat weer geen straf is) en gelegen tussen de naaldbomen op een heuvel met uitzicht over de stad en de omgeving. 's Avonds lekker gegeten en daarna heerlijk geslapen in de luxe bedden.

De volgende dag gaan we, met een prive-minivan, naar de reden van ons bezoek aan Phonsavan: de Plain of Jars (Vlakte van kruiken). Over 3 grotere en nog een aantal kleinere locaties liggen vele honderden kruiken verspreid, als vreemde pukkels in het landschap. Sommige kruiken zijn meer dan 2 meter hoog en de herkomst is nog steeds onbekend, en dat draagt bij aan het surreële gevoel wat je er over krijgt. Ook het lopen tussen de paaltjes die aangeven dat in het buitengebied nog explosieven kunnen liggen draagt er aan bij. Behalve de 3 grotere sites bezoeken we ook nog de oude stad en een Hmong-dorpje. Voor het eerst komen we in een bergstammen-dorpje wat niet gedreven wordt door verkoop aan toeristen, maar echt gewoon een gemeenschap is die daar leeft. Erg bijzonder! Laat in de middag komen we terug bij het hotel, waar we nog even relaxen en weer een keer heerlijk eten.

Plain of JarsWoensdag is het weer tijd om afscheid te nemen van ons heerlijke onderkomen, we gaan naar Vang Vieng. Rond 7:00 worden we al opgehaald, en we zitten in een lokale bus. Minibussen rijden niet elke dag tussen de twee plaatsen. Zo snel we weg zijn, gaat de muziek op standje discotheek en gaat de TV aan, waar ook nog eens karaoke op te zien is. Gelukkig is het waarschijnlijk nog te vroeg, niemand doet mee. Na een 2 uur rijden horen we wat geratel in de motor achterin de bus en stoppen we op een helling, midden tussen twee bochten. Na enige tijd is de conclusie dat deze bus vandaag niet op eigen kracht meer verder zal rijden en we moeten dus wachten op de volgende bus. Die is dan nog niet eens vertrokken uit Phonsavan, we moeten bijna 3 uur wachten. Als de bus dan eindelijk komt, is het gezellig druk in de bus en de nog harder staande muziek maakt het gemis aan TV voor de meeste mensen waarschijnlijk meer dan goed. We zijn blij als we rond 16:45 dan eindelijk bij het busstation van Vang Vieng aankomen. We zijn de enige toeristen en dus ook de enigen die er daar uit gaan. We gaan op zoek naar een guesthouse en komen bij Nana uit, wat op zich nog niet zo gek is gezien er drie met die naam blijken te zijn.

's Avonds lopen we het stadje in en gaan even wat drinken bij een van de vele tv-bars, waar de hele dag voornamelijk complete seizoenen van Friends wordt gekeken. Alles bij elkaar, ook de toeristen die er rond lopen, geeft Vang Vieng ons een beetje een Salou gevoel. Op zich natuurlijk wel grappig om ook zoiets hier te zien, maar niet helemaal wat je in Laos verwacht. Opvallend is wel dat ook hier de barretjes allemaal om 23:00 dicht gaan.

Vandaag zijn we, na een prima ontbijt met veel moerbeien bij een restaurantje in de buurt, fietsen gaan huren. Rond een uur of 11, wie maakt zich tenslotte druk om warmte op het midden van de dag, gaan we op weg. We fietsen een stukje de snelweg af, hoewel snelweg! Het is de grote weg, maar net zo goed lopen daar ook koeien rond en fietst en bromt half Vang Vieng er vrolijk overheen. Na een aantal kilometer gaan we de dirtroad op. Langs kleine dorpjes en tussen het prachtige karstgebergte in de omgeving van Vang Vieng. Onderweg veel kinderen die vrolijk om het hardst "Sabaidee" of nog stoerder "Goodmorning" schreeuwen tegen die gekke toeristen die zich in het zweet fietsen op deze, zoals ongeveer elke, bloedhete dag. We zijn dan nat bezweet, maar ook blij, als we bij een winkeltje wat te drinken kunnen halen en even in de schaduw kunnen zitten. Daarna gaat het weer wat beter en bereiken we sneller dan verwacht een van de sporadische restaurantjes onderweg, waar we dus maar wat gaan eten. Daarna komt nog een stukje weg terug naar Vang Vieng, maar dat is waarschijnlijk het slechtste wegdek waar we die weg op fietsen (en behalve die paar kilometers op de snelweg is het al niet al te goed geweest). Rond een uur of drie komen we weer aan bij een restaurantje, met een prachtig uitzicht op de Nam Xong, de rivier die door Vang Vieng loopt. Na wat shakes gaan we op weg naar het guesthouse om al het vuil (en dat was zeker niet weinig, onze mooie bruine kleur die we onderweg hadden is weer behoorlijk weg) weg te douchen. Net de fietsen weer weggebracht en nu dus even aan het tikken. Het was natuurlijk ook al even geleden.

Tuben over de Nam Xong

Barry in de tubeNa donderdagavond niets speciaals meer te hebben gedaan, gingen we vrijdag redelijk op tijd op pad. We wilden gaan tuben (lekker dobberen op de rivier in de binnenband van een tractorwiel), maar hadden niet zo'n zin om alle luidruchtige, vooral Engelse, jongeren onderweg tegen te komen. Onderweg merkten we dat meer mensen, vooral de net wat oudere jongeren, dat plan ook al hadden opgevat. Rond 9:30 gingen we te water, een 4 kilometer ten noorden van Vang Vieng. Gezien het het droge seizoen is, zou de rit zonder stops ongeveer een uur of 2 moeten duren. Na twintig minuten hadden wij echter het idee dat het allicht iets langer zou duren, gezien we de eerste bocht (na 300 meter?) nog niet voorbij waren. De mooie uitzichten die, tussen de vele barretjes door, te zien waren maakten het echter wel de moeite waard. Na goed een uur maar eens een stop bij zo'n barretje, er moet natuurlijk wel Beer-lao gedronken worden tijdens een tube-tocht. Na deze stop drijven we rustig verder en zien eigenlijk bijna geen andere toeristen. Wel komen we onderweg, vooral vanaf ongeveer halverwege (gokken we) als de barretjes ophouden, veel lokale bevolking tegen die gewoon aan het werk is. We vragen ons na enige tijd toch wel af hoe je voor 6 uur 's avonds die band terugkrijgt als je niet meteen 's ochtends vroeg vertrekt. We komen namelijk rond 14:30 pas aan bij Vang Vieng, en dit was dan nog maar de 4 kilometer tocht met maar 1 stop. Blij dat we niet de 10 kilometer tocht hebben gedaan!!

Marianne in de tubeNa het tuben doen we niet zo veel meer. Beetje eten, beetje hangen. Lekker relaxen Lao style. Vannacht nog wel gewekt door de eerste tropische onweersbui die we onderweg zijn tegengekomen. Vanochtend ook niet al te veel zin om al vroeg op te staan. Niet echt iets op het programma staan, we besluiten een stukje te gaan wandelen langs een klein stroompje. We lopen door wat rijstvelden naar het stroompje toe en als de kaart aangeeft dat het een stukje lastig te volgen voetpad is, kunnen we weinig meer dan dit be-amen, gezien er van een pad geen sprake meer is en er zelfs een stuk compleet door rotsblokken weggevaagd is. Net Burgers Bush, maar dan echt. Vroeg in de middag zijn we weer terug en nu weer lekker rustig aan aan het doen. Morgen gaan we door naar Vientiane.

Wat doen we eigenlijk in Vientiane?

Op straatGisteren dus op naar Vientiane. Na het ontbijt moesten we ineens toch nog een beetje opschieten om het busje te halen. Hoewel, busje.... Het was nog net geen wrak. Maar goed, het is maar een korte rit. Rond 9:15 gaan we uit Vang Vieng weg en met een stop onderweg goed 3 uur later in Vientiane aangekomen. Het is inmiddels goed warm geworden, om niet te zeggen dat het gewoon ronduit heet is. Allicht dat het daaraan ligt, maar de eerste indruk van Vientiane is niet een hele leuke. Het is zondag en nog net niet compleet uitgestorven en dus veels te warm. Eerst maar eens op zoek naar een guesthouse. Vientiane mag dan niet zo heel bijzonder zijn, maar de goedkope guesthouses zijn stuk voor stuk vol. Weinig anders te doen dan in een wat duurdere te gaan zitten, hoewel dat nog steeds betekent dat het goedkoper is dan de nodige andere guesthouses waar we hebben gezeten. Duurder betekent overigens niet beter, het is dat we een mini-tvtje hebben en warm water, maar verder is er geen reden voor de 10 euro per nacht die het hier kost.

We hebben allebei al snel iets dat we niet zozeer heel lang in Vientiane hoeven te blijven, dus gaan we meteen 's middags maar op pad om alvast het een en ander te bekijken. We lopen langs de Mekong en de eerste stop is de Haw Pha Kaew. Een tempel, tegenwoordig een soort van museum, hoewel dat alleen maar inhoud dat je een aantal min of meer bijzondere Boeddha-beelden kunt zien. De entree is laag en de bezoektijd kort, maar toch wel leuk. Dit zijn attracties waar je in deze hitte wat aan hebt. We lopen door en komen bij de Wat Si Saket. Ook weer goedkoop en snel te bezoeken. Het complex doet ons allebei meteen denken aan het complex van de Grand Palace in Bangkok en de Lonely Planet vertelt ons ook dat het gebouwd is in Bangkok-stijl.

PatuxaiLangs het presidentieel paleis lopen we verder, op naar de Avenue Lane Xang, een soort van Champs d'Elyssees in Vientiane. De straat komt ook uit bij de Patuxai, een soort van Arc de Triomphe. Misschien nog wel mooier dan de echte ook! Je kunt vanaf boven mooi over de avenue uitkijken. Het is inmiddels wel 16:30 geweest en de meeste dingen gaan dicht. We lopen nog even langs een stupa, op weg naar ons guesthouse. 's Avonds verder niets bijzonders meer gedaan.

Vanochtend vroeg opgestaan om de hitte maar wat voor de zijn. We lopen langs een aantal Wats, waarvan de Wat Ong Teu Mahawihan een van de belangrijkste van Laos schijnt te zijn. De tempels zijn ook wel mooi, maar ook niet echt bijzonder. We lopen verder en komen dan nog langs 2 opvallende gebouwen. Allereerst de Lao National Cultural Hall, een megagebouw dat van tijd tot tijd schijnt te worden gebruikt als schouwburg. Het programma schijnt alleen bijzonder lastig te achterhalen te zijn. Vervolgens gaan we nog even langs bij het Nationale stadion. Je verwacht natuurlijk geen Arena, zelfs geen Kuip. Maar wat we aantreffen lijkt meer op iets waar de gemiddelde eerste-divisie club zich nog voor zou schamen. Veel meer dan een klein aantal duizend mensen kunnen er niet in. Het wordt daarna wel even tijd om te gaan ontbijten en dat doen we bij Joma, waar ook in Louang Prabang een vestiging van zat en dat was goed bevallen.

's Middags zijn we bij een expositie van de COPE organisatie geweest. Dat is een organisatie, die zich inzet voor mensen met een handicap in Laos. Veel van die mensen hebben een handicap door het afgaan van een explosief, die er nog steeds in grote getalen liggen. Maar omdat er voor een kilo ijzer een 2000 kip wordt betaald (nog geen 20 eurocent) nemen veel mensen, ook veel kinderen, het risico voor lief. Vaak met fatale afloop, zoals ook een indrukwekkend filmpje laat zien.

Morgen is Marianne jarig en we willen dan op weg naar Savannakhet. Dat betekent alleen wel dat we er morgen erg vroeg uit moeten. De bussen daarheen gaan alleen 's ochtends vroeg en 's avonds laat. Het is even niet anders.